Eén van de meest krachtige ervaringen die je als mens kunt ervaren is aantrekkingskracht tussen jou en een ander persoon. Het is een intense maar ook verwarrende ervaring. Aantrekkingskracht is verantwoordelijk voor veel van de piekervaringen en misschien nog wel vaker voor de ellendige. Families zijn erdoor uit elkaar gevallen, kinderen zijn erdoor verdeeld geraakt en oorlogen zijn erom gevoerd.

Maar wat is aantrekkingskracht eigenlijk? Wat betekent het wanneer je aantrekkingskracht richting een persoon voelt? Betekent het dat diegene bij je hoort of zit het toch anders?

In dit blog schijn ik licht op de betekenis van aantrekkingskracht in de hoop dat het je kan helpen betere keuzes te maken.

Wat is aantrekkingskracht?

Aantrekkingskracht is een enorme oerkracht. Een menselijke ervaring die we allemaal wel eens meemaken. Er is dus helemaal niks mis mee om het te voelen. Het is niet fout of slecht. Ook niet wanneer je al in een gecommitteerde relatie zit.

Aantrekkingskracht trekt je richting iets dat je wilt, variërend in sterkte op een schaal van: een voorkeur hebben, iets willen, iets nodig hebben en ergens naar hunkeren. Dit kan overigens ook van toepassing zijn op iets anders dan een mens.

Hoe verder weg we, bewust of onbewust, lijken te zijn van die- of datgene wat we verlangen hoe sterker de aantrekkingskracht voelt.

Aantrekkingskracht kan een indicatie zijn dat de andere persoon iets heeft wat je graag wilt in een partner. Heel vaak draait het echter helemaal niet om de andere persoon. Het gaat dan om iets wat we willen of willen bereiken door een associatie met deze persoon. En we denken dat we die gewenste ervaring kunnen zekeren door een relatie met deze persoon aan te gaan. Een knappe partner kan ons het gevoel geven dat we er maatschappelijk toe doen bijvoorbeeld. Een trofee die ons aanzien geeft. Het draait dus niet om de persoon maar wat de persoon ons oplevert.

Aantrekkingskracht is altijd een roep tot een bewustwordingsproces omdat het een indicatie is van een onbewust verlangen. Iets dat zich momenteel nog niet in je leven manifesteert maar je wel graag zou willen.

Wanneer we blind varen op verlangen dan hebben we niet door wanneer we eigenlijk in een giftige appel bijten. Met alle ellende van dien.

Aantrekkingskracht is iets anders dan liefde. Want aantrekkingskracht is unilateraal: het gaat één kant op aangezien het om jouw verlangens en behoeften gaat. Liefde is het nemen van iets of iemand als een onderdeel van jezelf. Bij liefde ervaar jij positieve emoties wanneer het de ander goed gaat. Je neemt de behoeften en verlangens van de ander als onderdeel van jezelf. Liefde is een bewuste keuze.


Waarom komen we zo vaak in de problemen wanneer we aantrekkingskracht ervaren?

Vaak maken we ondoordachte keuzes wanneer we aantrekkingskracht ervaren. Keuzes die kunnen resulteren in schade voor jezelf of anderen. Er zijn een paar aspecten die aantrekkingskracht zo lastig maken:

 

  • De betekenis die we aan aantrekkingskracht geven. We denken dat we wanneer we ons aangetrokken voelen tot een persoon we bij diegene zouden moeten zijn. Dat we bij hem/haar horen. Soms kun je het zelfs interpreteren als een teken dat het ‘de ware’ is. Het moet wel kloppen anders hadden we niet zo’n sterke aantrekkingskracht ervaren.

 

  • Projectie. Dit betekent dat we een idee hebben over wat we willen in het leven (wel of niet realistisch en wel of niet werkelijk passend) en projecteren het op de ander. Hollywood heeft hier een sterk steentje aan bijgedragen. In deze situatie zien we de partner niet voor wie die werkelijk is maar voor wie we willen dat ‘ie is. Alsof we iemand proberen uit te zoeken voor een rol in een bepaalde film die we voor ogen hebben. We zijn niet gek op de persoon maar op de fantasie van de persoon. We zijn gek op de persoon zolang hij/zij die rol speelt en worden boos wanneer hij/zij de rol niet meer speelt. Zodra de realiteit z’n intrede doet en de fantasie uiteenvalt valt de relatie ook uiteen.

 

  • De roep tot heelheid. Ons bewustzijn is niet in een staat van eenheid maar in een staat van fragmentatie. Door allerlei ervaringen in ons leven hebben we bepaalde delen van onszelf op de voorgrond geplaatst en andere delen afgesplitst. Dit is één van de belangrijkste copingmechanismen om om te gaan met pijn en afwijzing. Wanneer je vroeger als kind bijvoorbeeld weinig emotionele steun kreeg van je vader of moeder omdat ze te druk waren met zichzelf dan neem je het besluit dat je op niemand in het leven kunt rekenen om in je emotionele behoeften te voorzien en splits je het kwetsbare en behoeftige stuk af om te overleven. Dit doe je door dat deel te ontkennen, onderdrukken, afwijzen en verloochenen. Later in je leven word je juist aangetrokken tot die mensen die dat afgesplitste stuk van jou wél manifesteren. Er immers een polariteit, een + en -, tussen jullie en polariteit zorgt voor aantrekking. Wanneer je dichter bij een persoon komt die dit deel manifesteert ga je deze persoon afwijzen op die stukken zoals je dat ook bij jezelf hebt gedaan. Liefde slaat dan snel om in pijn. De aantrekking betekent in dit geval niet per se dat die persoon als partner bij je past. Het is een roep van je eigen onbewuste om het deel dat je ooit afsplitste weer te integreren. Op het moment dat je dat doet verdwijnt de aantrekkingskracht die gebaseerd is op de roep tot heelheid en kun je objectief inschatten of er een match is en die persoon werkelijk bijdraagt aan je welzijn.

 

  • De biologie van het lichaam. We zijn biologisch geprogrammeerd om ons tot bepaalde kenmerken van mensen aangetrokken te voelen om onze voortplanting zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Zo laat onderzoek zien dat symmetrie een voorspeller is voor sterke genen. We vinden mensen vaak knap wanneer ze een symmetrisch hoofd hebben bijvoorbeeld. Het probleem is alleen dat deze biologische eigenschappen vaak totaal niet in lijn liggen met wat we als mensen mentaal en emotioneel in ons leven willen. Iemand met een knappe kop en een mooi lichaam hoeft helemaal niet bij ons te passen als partner. Sterker nog: fysieke aantrekkingskracht is vaak de factor die de sterkste projectie veroorzaakt (‘als zó’n knap persoon mij leuk vindt dan zal ik een gelukkig leven leiden!’). Alhoewel de biologie van de voortplanting een enorm sterke oerkracht is, is het geen goede voorspeller voor relationeel succes. Wanneer je denkt in deze dynamiek te zijn gestapt doe dan de volgende test: beeld je de andere persoon in als superonaantrekkelijk. Je kunt je zelfs inbeelden dat hij/zij een andere stem heeft of zijn/haar stem juist ‘uitzetten’. Beeld je dan in hoe hij/zij zich gedraagt en wat hij/zij zegt en doet. Heb je dan nog steeds bewondering of waardering voor zijn/haar gedrag?

 

  • We zijn er gek op. Sterker nog: we zijn er misschien wel een beetje verslaafd aan. We houden van het sprookje en het hollywoodverhaal. Het voelt fysiek, psychologisch en emotioneel geweldig. Een soort high. Daarom is het zo lastig om een partner bewust te kiezen. Dit heeft te maken met hoe we opgevoed zijn: we zijn opgevoed om te doen wat we moeten doen en niet wat we willen doen. Om die reden willen we als het om aantrekkingskracht gaat doen wat we willen doen. Het lijkt nog het enige in het leven te zijn waar we écht zelf mogen kiezen en zodoende een echt grote voldoening brengt. Doen wat we eigenlijk moeten doen voelt zwaar, saai en minder spannend. Daartoe dwingen we onszelf al in de rest van de dingen die we in ons leven doen. Het socialisatieproces is in die zin een killer van ons interne kompas. Om ons te laten passen in de samenleving wordt dat kompas steeds meer het zwijgen opgelegd. Aantrekkingskracht is het enige dat sterk genoeg is om dat proces te overleven ongeacht of het ook maar enige logica heeft voor ons welzijn. Dit onbewust doen – volgen hoe we ons ergens bij voelen zonder bewustzijn rondom het waarom – is nog altijd beter dan je eigen behoeften en verlangens ontkennen. Het helpt je namelijk bij de vergroting van je bewustzijn. Maar: hetzelfde geldt voor met een motor met 100 km/per uur tegen een boom aanrijden. Ook dat verruimt je bewustzijn. Oftewel: niet elke ervaring die je bewustzijn verbreed is goed voor je.

 

  • We verwarren aantrekkingskracht met compatibiliteit. Vaak denken we dat wanneer we ons aangetrokken voelen tot iemand dat die persoon bij ons past. Zodra we ons aangetrokken voelen tot iemand gaat ons hoofd ermee aan de haal en creëert het allerlei romantische toekomstscenario’s met die persoon. Fantasieën die niks met de realiteit te maken hebben. Dit is met name krachtig wanneer aantrekkingskracht voortkomt uit een verlangen een ‘soulmate’ te vinden. Iemand die gelijkgestemd is. We kunnen dan bij iemand horen en ons niet meer eenzaam voelen. Dit schept een gevoel van uniekheid in het samenzijn. Alsof je de enige twee mensen op de planeet bent die er precies zo over denken. Aantrekkingskracht betekent dus geenszins compatibiliteit. Vaak betekent het juist het tegenovergestelde.

 

Een relatie die passend voor je is moet goed voelen voor beide personen en moet bijdragen aan het welzijn van beide personen. We zijn op zo’n manier geconditioneerd dat we denken dat wanneer we een goed persoon zijn we met iedereen harmonieus moeten kunnen zijn en komen dan in een dynamiek waarin er geen verschillen tussen beiden partners mogen zijn (‘ANWB-koppels) of dat er een verschil moet zijn dat niet-harmonieus is om er harmonie te laten zijn. Dit laatste zie je bij partners die een binding vanuit conflict ervaren. Het gekibbel houdt hen bij elkaar. Het is misschien ook hoe ze gewend zijn geweest aandacht te krijgen van hun vader of moeder.

Wanneer partners geen werkelijke match zijn dan is het slechts een kwestie van tijd totdat één of beide partners zich schaamt voor wie die werkelijk is en wat zijn/haar behoeften zijn. Hij/zij voelt zich dan niet geliefd voor wie die is.

Wanneer welzijn en geluk in relaties voor jou de prioriteit is. Dan zou de keuze voor een partner een keuze op meerdere facetten én een bewuste keuze moeten zijn. Niet een impulsieve en ondoordachte. De relatie met een persoon die bij je past voelt als een uitademing en niet als een inademing. Oftewel: het voelt als een ontspannen, opgelucht thuiskomen en niet als een opgewonden hunkering. Hoe bewuster je bent van wat je wilt, hoe makkelijker je dit zult herkennen. Het herkennen van een juiste partner wordt vaak nog lastiger gemaakt door de belangrijkste voorbeeldrelatie uit ons leven: de relatie van onze ouders. Wanneer je bijvoorbeeld gewend bent geweest dat je ouders weinig genegenheid toonden dan denk je dat dit normaal is.

Aantrekkingskracht zal nooit uit je leven verdwijnen. Ook niet wanneer je in een goede relatie zit. Je kunt je op elk willekeurig moment in je leven aangetrokken voelen tot meerdere mensen. Dat is heel menselijk en helemaal oké.

Het belangrijke is dat je vanuit bewustzijn leert kijken naar aantrekkingskracht zodat je kunt leren wat het betekent en hoe je het beste de verlangens en behoeften die aan de basis van deze aantrekkingskracht liggen kunt vervullen. En vaak is dat niet door met die persoon een relatie aan te gaan.

 

Wil je graag één van deze thema’s bij jezelf verkennen? Je kunt een vrijblijvende kennismaking inplannen door je contactgegevens onderaan deze pagina achter te laten.

 

NB. Deze blogpost is geïnspireerd op dit filmpje.

Ik ben vast niet de enige ;). Er zit echter wel een verschil tussen mensen. Sommige mensen gaan best goed op thuiswerken, andere weer helemaal niet. Sommige mensen spenderen hun weekenden het liefst binnen met klein gezelschap, andere voelen zich het fijnst bij grootse feestjes. In dit blog wil ik licht schijnen op wat je persoonlijkheid doet met de wijze waarop je de lockdown beleeft.

 

De grote vijf

Tijdens mijn studie psychologie zag ik ‘em regelmatig voorbijkomen: het Big Five persoonlijkheidsmodel van Costa en McCrae (oa. 1992). En enige tijd geleden heb ik een hele cursus over dit model gevolgd. En alhoewel ik bewust gekozen heb voor een alternatieve route om mensen mentaal te begeleiden zodat ik ze minder in hokken plaats – ik vind de reguliere GGZ te procedureel en diagnosticerend – geloof ik wel dat het model een verhelderende werking kan hebben. En dat kan verlichten.

Je bent je persoonlijkheidstrekken niet, het zijn veelvoorkomende reacties die je kunt hebben. Daarbij is het een theorie. Wel een heel sterk onderbouwde theorie, maar het is nog altijd een benadering of interpretatie van de werkelijkheid.

Je persoonlijkheidstrekken kun je zien als een low resolution solution to complex problems (quote van Dr. Jordan Peterson) oftewel een simpele, geautomatiseerde reactie op een complexe uitdaging in het moment. We kunnen nooit alle informatie over een situatie in overweging nemen en dus kiest ons systeem een geautomatiseerde reactie om de situatie door te komen. Het moet wat.

Wat die geautomatiseerde reacties zijn en hoe corona invloed op deze reacties heeft ga ik in deze blog uiteenzetten.

Dit is geen wetenschappelijke uiteenzetting. Puur een eigen observatie op basis van mijn kennis over het model.

 

Een beknopte blik op de vijf trekken

Het Big Five model, ook samengevat in het acronym OCEAN, is het best gevalideerde persoonlijkheidsmodel dat er is en bestaat uit vijf trekken die je het duidelijkst zou kunnen weergeven op een continuüm. Je zou twee uiterste puntjes kunnen tekenen en bij elke trek staat jouw schuifje ergens tussen die twee puntjes.

De typeringen hieronder zijn extremen. Zo kun je bijvoorbeeld het schuifje extraversie ergens in het midden hebben staan en daardoor je tijd redelijk 50/50 verdelen tussen impulsief en bedachtzaam gedrag.


O
penheid – mensen die hoog scoren op openheid zijn in staat sterk conceptueel te denken. Ze kunnen goed de breedte in denken en visie scheppen. Deze trek heeft de meest directe relatie met IQ en creativiteit. Dit zijn mensen die goed gaan op innovaties en vooruitgang.

Invloed van corona: corona werkt beperkend en isolerend. Dit kan ervoor zorgen dat mensen die normaal gesproken goed gaan op nieuwe ontwikkelingen en vrijgeestigheid zich ingeperkt voelen. Je zou andersom verwachten dat mensen die wat conservatiever van aard zijn minder moeite ervaren.


C
onsciëntieusheid – mensen die consciëntieus zijn scoren hoger op discipline en ordelijkheid. Het zijn mensen die in staat zijn om zich te richten op lange termijn doelen en kunnen hiervoor op korte termijn veel laten. Daarnaast zijn dit vaak de mensen met een net bureau.

Invloed van corona: om prettig thuis te kunnen werken heb je een bepaalde mate van zelfdiscipline nodig. Iemand die hoog scoort op consciëntieusheid zal hier waarschijnlijk minder moeite mee hebben (dank aan Maryline Lapaire (lapaire.nl) voor de toevoeging)


E
xtraversie – mensen die hoog scoren op extraversie zijn vaak assertieve persoonlijkheden die meer dan gemiddeld positieve emoties ervaren. Ze krijgen energie van sociale gelegenheden en zijn geneigd zich veel te uiten. Een ander kenmerk van extraverte mensen is dat ze impulsiever zijn en meer gericht op het huidige moment.

Invloed van corona: de behoefte van extraverte mensen aan actie in een sociale setting is zo goed als de kop ingedrukt. Je zou dus verwachten dat mensen die hoog scoren op deze trek meer dan gemiddeld moeite hebben met de sociale beperkingen.


Servicegerichtheid (Agreeableness)
– dit zijn mensen die meer bezig zijn met de ander dan met zichzelf. Ze zijn vaak goed in zorgen en willen het graag goed doen voor anderen. Het zijn nette en correcte mensen die veel rekening houden met hun omgeving. Ze zijn goed in aftasten en sociaal wenselijk te reageren. Ze zijn ook gevoelig voor autoriteit. Vrouwen scoren hier gemiddeld hoger op. De hypothese is dat dit de biologie van het moederschap ten goede komt.

Invloed van corona: het aspect van ‘rekening houden met’ en de gevoeligheid voor autoriteit kan ervoor zorgen dat mensen met deze trek overmatig willen voldoen aan de regels die gesteld zijn en daardoor zichzelf hun eigen behoeften ontzeggen. Mensen die hier laag op scoren zullen eerder de grenzen van de regels opzoeken of overschrijden en daardoor persoonlijk minder last van de regels ondervinden.


N
euroticisme – neuroticisme is de negatieve emotie dimensie die zich praktisch vertaalt in bijvoorbeeld meer zorgen maken, meer spanning voelen en meer onzekerheid. Dit klinkt negatief maar is het niet per se. Het is wel onprettig om te ervaren. Mensen die hoog scoren op deze trek zijn vaker geneigd om te zien wat er niet is of wat mis kan gaan. Neuroticisme is een voorspeller voor bijvoorbeeld angst en depressie.

Invloed van corona: wanneer je wat gevoeliger bent voor piekeren en angstgevoelens dan zullen deze door de coronasituatie waarschijnlijk nog sterker worden aangewakkerd. Het is dus niet verwonderlijk wanneer je in deze tijd meer negatieve en zware emoties ervaart. Wanneer je hier laag op scoort zul je waarschijnlijk een meer nuchtere blik op corona en de maatregelen hebben.

Dit is even een heel beknopte en beperkte schets van de vijf trekken maar als het goed is heb je wel een gevoel. We hebben allemaal een mix van deze trekken en bij elke trek zit jouw schuifje dus ergens op een schaal. Uiteraard is dit een simplistische weergave en is de realiteit veel complexer en weerbarstiger dan dit maar het geeft een indruk.

Belangrijk is overigens wel om de trekken altijd ten opzichte van elkaar te beoordelen. Zo krijgen de negatieve emoties van iemand die hoog scoort op neuroticisme ook tegenwicht van de trek extraversie, wanneer iemand hier ook hoog op scoort. De coronamaatregelen kunnen hier zoals gezegd wel invloed op hebben.

Waarom ik niet zo lekker ga op deze lockdown? Nou ik scoor:

  • Hoog op openheid
  • Iets hoger dan gemiddeld op consciëntieusheid
  • Hoog op extraversie
  • Hoog op servicegerichtheid
  • Iets hoger dan gemiddeld op neuroticisme

Oftewel, je zou mij het beste kunnen omschrijven als een enthousiaste, sociale, gedisciplineerde, zorgende en creatieve jongen die af en toe wat stressgevoelig kan zijn. Niet verwonderlijk dat ik me niet per se top voel in deze tijd…

En hoe gaat het met jou?

 

Ben je benieuwd naar jouw eigen Big Five profiel of wil je die eens door mij laten beoordelen? Neem gerust contact met me op via onderstaande button.

‘Je bent niet je gedachten’, ‘gedachten zijn echt maar niet waar’, ‘geloof niet alles wat je denkt’.

Mooie teksten die met de opkomst van mindfulness en de populariteit van de positieve psychologie steeds meer gemeengoed zijn geworden. En alhoewel er natuurlijk een kern van waarheid zit in deze zinnen, worstelen veel mensen toch nog met onprettige en stressvolle gedachten. Iets rationeel weten blijkt niet voldoende te zijn om iets echt te internaliseren. Hiervoor is belichaamde ervaring nodig. Het zelf daadwerkelijk aanschouwen en doormaken van een fenomeen.

Die belichaamde ervaring had ik episodisch mogen meemaken vanuit de meditaties die al jaren zelf beoefen en begeleid, maar nooit eerder zag ik het zo scherp als tijdens mijn laatste retraite vorig jaar. Ik deel graag deze ervaring, zodat het je misschien kan helpen in het scherpstellen van de ware aard van de gedachten die jij dagelijks met je meedraagt.

 

De context van mijn laatste retraite

Vorig jaar heb ik een meerdaagse retraite gedaan in de Vipassanatraditie in een klooster in Handel (Brabant) onder vriendelijke begeleiding van Joost van den Heuvel-Rijnders. De mindfulnesstraining die ik verzorg is deels gebaseerd op deze meditatievorm. Vipassana wordt ook wel inzichtmeditatie genoemd en is met name gericht op zelfobservatie. Ook binnen de Vipassana heb je weer verschillende vormen. Ik heb inmiddels enkele daarvan zelf mogen ervaren en de één past me beter dan de andere. Zo heb ik bijvoorbeeld een erg strenge innerlijke criticus (hoog verwachtingspatroon, perfectionistisch) en heb ik tijdens retraites ervaren dat ik daarom baat heb bij een milde begeleiding.

Mocht je een retraite willen volgen en daar vragen over hebben dan kun je me hier altijd voor benaderen.

 

Het aanschouwen van het schouwspel

Allereerst wil ik benadrukken dat wat ik hieronder beschrijf mijn ervaring was. Dit hoeft niet jouw ervaring te zijn. Ik ben er echter in mijn mindfulnesstrainerschap steeds meer achter gekomen dat bepaalde mechanismen bij ons menszijn lijken te horen. Dat doet uiteraard niks af aan de eigen unieke ervaring van jou als mens, maar de principes lijken onderling overeen te komen.

Na 5 dagen zitten begon ik ineens een fenomeen te aanschouwen dat ik niet eerder zo scherp had gezien. Het was alsof ik het haarscherp voor mijn ogen zag gebeuren:

de geest leek continu druk met het inbrengen van nieuwe gedachten in het bewustzijn en ik begon te zien dat deze gedachten gepresenteerd werden als zeer belangrijk en interessant maar dat ze het absoluut niet waren. Het was alsof ik door hun façade van belangrijkheid heen kon prikken en ze kon zien voor wat ze werkelijk waren, namelijk mentale illusies die mij probeerden af te leiden van iets dat eigenlijk veel groter en belangrijker was.

Het voelde een beetje alsof ik ergens naartoe aan het gaan was maar mijn gedachten me telkens weer iets nieuws en ‘interessants’ probeerden voor te schotelen om mij ervan te weerhouden naar die bestemming toe te gaan. Het riep bij mij het beeld op van de Kao San Road in Bangkok. Waar je doorheen wandelt op weg naar je bestemming en er telkens iemand aan je mouw trekt om je iets te verkopen. Ook de verkopers doen net alsof hun producten de mooiste en meest begeerlijke zijn die je ooit in je leven hebt gezien.

Misschien is je automatische reactie op die verkopers wel dezelfde als die je hebt richting afleidende gedachten: irritatie, afkeer en boosheid. Wat er echter gebeurde in mijn meditatie was iets anders: ik begon de gedachten te zien als toneelspelers die om en om op de bühne verschenen. Allemaal probeerden ze mijn aandacht te vangen en een zo extravagant mogelijke act uit te voeren. Met mooie kostuums, felle kleuren en wilde gebaren. Alsof hun leven ervan af hing deden ze hun best om me af te leiden van datgene wat er achter het buitensporige schouwspel te vinden was.

Vanwege de drukte kon ik eerst niet zien wat er achter deze gedachten schuilging. Maar doordat ik stil bleef zitten zonder te capituleren voor de verleiding van deze toneelspelers begonnen ze het langzaamaan op te geven. Het leek alsof ze teleurgesteld afdropen en het podium één voor één verlieten.

Het podium werd leger en leger en het was alsof ik met het verlaten van elke toneelspeler mijn houvast verloor. Ook de laatste droop af in de periferie van mijn bewustzijn en het was alsof er langzaam een mist optrok en ik kon zien wat nou datgene was waar ze mij van weg probeerden te houden..

Het was mijn diepste angst. De angst om verlaten te worden.

Ineens zag ik het in levenden lijve: het schouwspel van gedachten was bedoeld om mij te beschermen. Om een muurtje op te trekken zodat ik niet datgene hoefde te ervaren wat ik het diepste vrees: verlies en de daarmee gepaard gaande pijn van alleen zijn.

Alle zaken die ik de in de voorgaande jaren ‘aan de buitenkant’ (dus niet intrinsiek en vanuit plezier) had verzameld, had ik verzameld in opdracht van die gedachten die mij voor mijn kwetsbaarheid probeerde te beschermen: de kennis, de verschijning en het imago, de hang naar goedkeuring en bevestiging, het perfectionisme en het pleasegedrag. Veelal maskers van houvast en bescherming. Het was alsof deze diepe ervaring mij de ware aard van de gedachten toonde die ik dagelijks met me meedraag. Ze werden ontmaskert.

Heeft me dat nu een vrij mens gemaakt? Niet helemaal. Maar telkens wanneer ik in staat ben om mijn gedachten daadwerkelijk te zien voor wat ze zijn, dan moet ik steeds vaker lachen. Lachen om de absurditeit en de goedbedoelde maar gefingeerde belangrijkheid van deze gedachten. Als gekke clowntjes proberen ze me weg te houden van mijn angst. Net als bij een echt toneelspel proberen ze me af te leiden van de werkelijk existentiële zaken van het leven.

En steeds vaker ben ik in staat om ze te bedanken voor hun goedbedoelde werk. En steeds vaker ben ik in staat om dan toch aan te gaan waar ik het meest bang voor ben: echte, kwetsbare verbinding.

Eigenwaarde. Een lastig concept waar we het niet vaak over hebben met elkaar omdat het wel kwetsbaar is. Toch is eigenwaarde een belangrijke factor bij de keuzes die je maakt in je persoonlijke en professionele leven. In deze blog ga ik in op wat eigenwaarde precies is, waaraan je het kunt ontlenen en hoe je een gezonde basis in jezelf creëert.

 

Eigenwaarde: een definitie

Verschillende mensen, verschillende interpretaties. Daarom is het goed om even te definiëren waarover ik het heb als ik over eigenwaarde praat. Ik hanteer de definitie van de APA (American Psychological Association):

‘De evaluatie van een individu van hem- of haarzelf als een waardevol, capabel mens die respect en inachtneming verdient. Positieve gevoelens van eigenwaarde lijken geassocieerd te zijn met een hogere mate van zelfacceptatie en zelfvertrouwen’

Kortom: het gaat om de evaluatie van jezelf als waardevol en capabel mens.

De evaluatie van jouw waarde als mens gebeurt in eerste instantie vaak in relatie tot je sociale omgeving. Mensen zijn namelijk bereid om ver te gaan om sociale afwijzing te voorkomen en vergelijken zichzelf daarom graag met anderen.

De mate waarin we onszelf langs de sociale meetlat leggen verschilt echter. En dat heeft weer te maken met onze eigenwaarde. Hoe meer eigenwaarde, hoe minder we onze waarde laten afhangen van een sociale evaluatie.

 

Waaraan kun je je waarde sociaal gezien ontlenen?

Je kunt je waarde aan veel zaken buiten jezelf ontlenen, maar als we even een paar hoofdcategorieën bij de kop pakken dan komen we uit op (niet uitputtend):

  • Lichaam/uiterlijk
  • Prestaties
  • Materie (hieronder schaar ik ook de drang naar reizen die je tegenwoordig veel ziet)
  • Relaties

Je ziet deze sterk terug in onze samenleving. Open bijvoorbeeld eens Instagram en je wordt doodgegooid met advertenties van gespierde mannen en vrouwen met perfecte bikinilichamen. Zelfs de zelfontwikkelingsbranche, die erop gericht zou moeten zijn om je verder te helpen, lijkt er steeds meer op gericht om jou te pushen de ‘beste versie van jezelf’ te worden. En vaak betekent dat dat je voldoet aan een perfecte maatstaf die we als cultuur hebben bepaald.

Dat waaraan je je waarde ontleent bepaalt dus voor een deel ook waarop je je keuzes baseert.

Ik kwam er ook achter hoe dit bij mijzelf werkte: ik ontleende veel van mijn waarde aan mijn lichaam (was daarom veel in de sportschool te vinden, hield me aan een streng eetschema, dronk eiwitshakes, at veel vlees, spande mn spieren aan op een foto), mijn prestaties (wat zich uitte in het constant vergaren van nieuwe kennis en een honger naar boeken) en relaties (ik ontleende veel zelfvertrouwen aan mijn populariteit bij het andere geslacht en ik wilde graag bekend staan als iemand die altijd aardig is).

Op zichzelf is er natuurlijk niks mis met sporten, kennis vergaren en daten. Belangrijk is om stil te staan bij de vraag: krijg ik er energie van of kost het me energie? Voelt mijn leven hierdoor lichter of zwaarder?

Vaak zie je dat juist die zaken die je leuk vindt en waar je goed in bent (en waar je dus vaak voor gecomplimenteerd wordt) kunnen doorschieten en gaan fungeren als opvulling voor jouw gebrek aan eigenwaarde. Dus als dat je lichaam is, dan ga je alles in het werk stellen om dat sociale beeld van een persoon met een mooi lichaam in stand te houden. Je wordt dan gemotiveerd door angst voor verlies en niet meer door intrinsiek plezier en nieuwsgierigheid.

Vaak zijn we ontzettend druk met het in standhouden van deze ‘bouwwerken’ en zijn we niet vrij aan het leven. Op de lange termijn is dit een recept voor stress, mentale klachten en uiteindelijk een ongelukkig bestaan.

 

Wat is dan wel een gezonde basis voor eigenwaarde?

Hoe kun je dan een gezonde basis voor je eigenwaarde creëren? Een eerste neiging is misschien wel dat je al die activiteiten die je onderneemt om die bouwwerken in stand te houden radicaal te stoppen. Zelf ben ik voor een andere aanpak: creëer een solide fundament en ga dan langzaam het huis aanpakken. Misschien hoef je niet het hele huis te verbouwen maar kunnen er ook andere meubels of accessoires in.

Dit solide fundament bestaat uit je kernwaarden. Je kernwaarden zijn die zaken die jij diep van binnen écht belangrijk vindt. Als er een waarde bij je geraakt wordt dan ga je automatisch ‘aan’. Waarden geven energie en zetten aan tot actie. Zowel in positieve zin als in negatieve zin. Zo voel je bijvoorbeeld inspiratie en vervulling wanneer er aan een waarde wordt voldaan en boosheid wanneer er niet aan een waarde wordt voldaan.

Om een beeld te schetsen van wat waarden precies zijn en hoe ze voor jou kunnen werken zet ik die van mij even op een rij:

  • Persoonlijk leiderschap
  • Ontwikkeling
  • Vrijheid
  • Plezier
  • Verbinding

Wanneer ik in een bepaalde context iets zie ontwikkelen en groeien dan barst ik van de energie. Wanneer ik in een andere omgeving beperkt word in mijn vrijheid dan wordt dat langzaam een energielek.

Waarden kun je dus voelen, ze hoeven niet rationeel onderbouwd te worden. Sterker nog: vaak druisen ze in tegen je vastgeroeste overtuigingen. Ze gaan over waar jij op ‘aan’ gaat, los van wat je partner, ouders, vrienden en buren vinden. Ze gaan dus voorbij aan een discussie over goed of fout.

Op het moment dat je je kernwaarden hebt opgehelderd kun je langzaam gaan onderzoeken welke keuzes je in je leven wel en niet op je kernwaarden hebt gebaseerd en kunt dan andere keuzes gaan maken.

Dat heeft er bij mij bijvoorbeeld voor gezorgd dat ik ben gestopt met bodybuilden en een sport heb gekozen waar ik plezier aan beleef en waarin ik vaardigheden ontwikkel. Ik gebruik geen eetschema’s meer en heb vanuit de waarde ‘verbinding’ gekozen om vlees sterk te minderen. Ik eet het nog wel maar alleen wanneer ik echt zin heb. Verder lees ik nog altijd heel graag maar probeer ik stil te staan bij de vraag of ik écht zin heb in een boek of dat ik het van mezelf moet lezen.

Kiezen voor een waardengericht leven is niet makkelijk en vraagt veel moed en kwetsbaarheid. Je zult misschien wel lastige gesprekken moeten voeren met je partner of familie. Misschien kom je erachter dat je werkcontext niet meer bij je past. Dit kan allemaal erg spannend zijn, maar zal allemaal bijdragen aan een gezonde groei in eigenwaarde en daarmee zelfacceptatie en zelfvertrouwen.

En volgens mij kun je alleen dan als mens écht tot wasdom komen en je energie inzetten voor wat jij werkelijk belangrijk vindt. Niet omdat je de ‘beste versie van jezelf’ moet worden, maar simpelweg omdat het goed voelt.

 

Wil je eens samen met mij onderzoeken wat jouw kernwaarden zijn? Stuur me een berichtje!

‘Je moet meer in het nu leven’. ‘Het nu is alles wat we hebben’.

Tegenwoordig is ‘leven in het nu’ een veelgehoord advies. Het is een beetje het nieuwe ‘je moet positief denken’. Waarschijnlijk aangewakkerd door de wereldwijde bestseller ‘De kracht van het NU’ van Eckhart Tolle en de mindfulnesshype die erop volgde.

En alhoewel de intenties goed zijn, is het lastig om in het nu te leven. Daarnaast zijn er belangrijke nuances te maken en is het goed je bewust te zijn van bepaalde valkuilen. Omdat ik hier regelmatig vragen over krijg heb ik besloten een kort blogje te schrijven om hier wat licht op te schijnen.


Wat wordt er bedoeld met ‘leven in het nu’?

We beginnen met een definitie. Concreet gezien houdt ‘leven in het nu’ in dat je even stil staat en de aandacht brengt naar de huidige ervaring. Op die manier leer je uit de automatische piloot te stappen.

Die automatische piloot bestaat vaak uit allerlei ingesleten gewoontepatronen die niet altijd even helpend zijn. Een voorbeeld van zo’n patroon is dat de aandacht vrijwel altijd uitgaat naar alles wat je nog te doen hebt. Je kunt je voorstellen dat dat veel stress veroorzaakt. Door daar bewust van te leren worden kun je vaker de aandacht brengen naar waar je op dat moment bent. Vanuit die aanwezigheid kun je beter de behoeften van het lichaam voelen en op basis daarvan een bewuste keuze maken voor je volgende actie.


Hoe maak ik contact met het nu?

Om meer aanwezig te raken bij het huidige moment kun je de aandacht brengen naar diverse ‘poorten naar het nu’. In mindfulnessmeditaties maken we vaak gebruik van zintuigelijke ervaringen en lichaamssensaties. Die zijn vaak neutraal en heel concreet.

Ik gebruik zelf vaak de adem als een soort anker. De adem is altijd in het nu. Een andere ‘poort’ is de zintuigelijke ervaring van het voelen. Je kunt bijvoorbeeld even het contact voelen van de voeten met de grond of van de billen met de stoel waarop je zit. Je kunt ook even eten met aandacht. Waarbij je echt even de tijd neemt om bewust te proeven wat je tot je neemt in plaats van dat je wat ‘inwerpselen’ naar binnen gooit.

Kortom, kijk of je de aandacht naar het huidige moment kunt brengen door gewaar te worden van de ervaringen in het moment.


Als ik aan het nadenken ben, ben ik dan weg van het nu?

Niet per se. Het ligt eraan of je je bewust bent van de gedachten of niet. Wanneer je je niet bewust bent van gedachten dan ben je niet meer aanwezig waar je bent, maar dan zit je als het ware ín een verhaal van de denkgeest. Daar is overigens niks mis mee, de geest doet dat automatisch. Door je vaker bewust te worden van het huidige moment kun je wel vaker bewust kiezen wat je met de aandacht doet. En zo dus ook vaker uit stresspatronen stappen.

Je hebt zelfs een meditatie op gedachten. Hierbij probeer je tijdens de duur van de oefening gewaar te zijn van de stroom van gedachten die vanuit zichzelf in het moment voorbijkomt.


Je hebt het vaak over waardengerichte doelen stellen. Maar daarmee houden we ons bezig met de toekomst, terwijl we alleen het nu hebben. Voeden we daarmee niet ons ego? Hoe zit dat?

Ik zie de stelling ‘alles wat we hebben is het nu’ iets genuanceerder. Uiteindelijk is het nu de plek waar je kunt toetsen of je in lijn met je waarden leeft. Wanneer er in het nu een discrepantie is tussen je waarden en je levensomstandigheden dan voel je dat en kun je stappen zetten om je levensomstandigheden meer in lijn te brengen met je waarden. En dat kun je alleen doen door de toekomst, vanuit ieder nieuw moment dat je in het nu wordt aangereikt, te betreden met die waarden als kompas.

Met het ego wordt vaak ons sociale masker bedoeld. De manier waarop we maatschappelijk gezien een beeld van onszelf proberen hoog te houden. Waarden representeren wat wij in de kern belangrijk vinden en dienen niet als sociaal masker voor externe validatie. Sterker nog: kiezen voor een waardengericht leven zal hoogstwaarschijnlijk van je vragen om impopulaire beslissingen te nemen.

Een belangrijke vraag op je pad is overigens wel: is de discrepantie tussen mijn waarden en mijn levensomstandigheden te wijten aan de praktische levensomstandigheden (baan, relatie, woonplek) of aan hoe ik mij ertoe verhoud? We kunnen namelijk ook met onze percepties – vaak oude ingesleten conditioneringen – de levensomstandigheden kleuren en zo bijvoorbeeld van baan naar baan of van partner naar partner bewegen zonder dat er echt iets verandert. Immers, waar je ook gaat daar ben je (titel van een mooi boek van Jon Kabat-Zinn).

Kortom: in het nu betreden we de toekomst en onze waarden kunnen fungeren als onze wegwijzers. Je kunt dus ook in het nu plannen hoe je in de toekomst meer waardengericht wilt leven.


Het nu is voor mij ondraaglijk, ik wil ervan weg

Wanneer je in het nu in een levenssituatie zit die schadelijk voor je is dan is het natuurlijk heel terecht daarvan weg te willen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer je een baan hebt waarbij je leidinggevende constant over je grenzen gaat. Of wanneer je in een baan zit die weinig zingevend voor je is en je energie leeg trekt.

Het is ook prima om af en toe afleiding te zoeken en niet constant te hoeven leven met onprettige gevoelens. Dit kan helpend zijn wanneer de levenssituatie waarin je je begeeft geen directe, praktische oplossing kent. Bijvoorbeeld wanneer je ziek bent en er niet direct zicht is op genezing.

In veel andere gevallen kan het juist helpend zijn om te leren met de gevoelens te zijn. Vaak is ‘ik kan het niet aan’ slechts een gedachte en merk je in de praktijk dat je voldoende draagkracht hebt voor de onprettige gevoelens en gedachten. Ik kwam laatst een mooie quote van Mark Manson tegen die hierover ging:

‘You don’t build psychological resilience by feeling good all the time. You build psychological resilience by getting better at feeling bad’

Door te leren aanwezig te zijn met onprettige gevoelens en gedachten leer je dat je je niet door die gevoelens en gedachten hoeft te laten leiden, dat ze niet waar hoeven te zijn, dat je er niet aan onderdoor gaat en dat je veel meer aankunt dan je denkt.


Leven in het nu, is dat een beetje hetzelfde als YOLO?

Ik interpreteer YOLO (You Only Live Once) als een sprong in het diepe in het moment. Je maakt een keuze zonder bewust stil te staan bij de consequenties. En alhoewel dit af en toe best prima is kan het ook leiden tot een ‘kop in het zand-strategie’ waarbij je je ogen sluit voor huidige of toekomstige verantwoordelijkheden: Hakuna Matata.


Kun je leren om meer in het nu te leven?

Jazeker, tijdens bijvoorbeeld een achtweekse mindfulnesstraining leer je hoe je je gewaarzijn kunt trainen. Door op een geduldige, milde manier het gewaarzijn te trainen zul je gaan merken dat je je vaker bewust bent van het huidige moment. Je wordt als het ware vaker ‘wakker’ in het moment.


Waar is dat goed voor, dat leven in het nu?

Je opmerkzaamheid trainen zodat je meer aanwezigheid ervaart kan heel heilzaam zijn. Bijvoorbeeld wanneer je het gevoel hebt dat je altijd druk bent en altijd ‘aan’ staat, het gevoel hebt dat je geleefd wordt, veel stress ervaart, weinig geniet van dingen en het gevoel hebt dat je je leven niet echt meekrijgt en beleeft.

Ook veel psychosomatische klachten zoals hoofdpijn, maag- en darmklachten, spanning in nek, schouders en achterhoofd en slapeloosheid kunnen hun oorsprong hebben in het constant leven vanuit gewoontepatronen.

Door meer contact te leren maken met het nu leer je vaker uit je patronen te stappen en zo bewust te kiezen voor een nieuwe, meer helpende respons. Dit kan een hele batterij aan positieve effecten hebben.

Tot slot leert aanwezig zijn je het wonderlijke in het gewone weer te zien. Aandacht bepaalt onze ervaring en vaak zit de intensiteit van de ervaring niet in veel en snel maar juist in langzaam en weinig.


Ik heb geprobeerd in deze blog een aantal veelvoorkomende vragen te beantwoorden, maar het kan natuurlijk zo zijn dat je nog vragen hebt. Voel je vrij om mij te mailen op
ferry@bananatree.nl.

Ben je nieuwsgierig geraakt naar een training of een 1-op-1 traject? Stuur me dan ook even een mailtje.

 

In eerdere blogs die ik geschreven heb is het vaak gegaan over hoe mindfulness kan bijdragen aan mentale fitheid. Een ander mogelijk resultaat van consequente beoefening is een toename in creativiteit (Ren et al.,2011; Greenberg et al., 2012; Ostafin and Kassman, 2012). Hoe dit precies werkt zet ik uiteen in deze blog.

 

Hoe conditionering bijdraagt aan rigide denkkaders

We kennen allemaal het experiment van Pavlov (1927) waarin hij aantoont dat honden vrij snel relaties leren leggen tussen verschillende ervaringen en gedragingen zoals dat een hond al begint te kwijlen bij het horen van een belletje omdat hij geleerd heeft dat daarna voedsel volgt. Bij ons mensen werkt het niet heel anders. Door de jaren heen raken we als mens door allerlei ervaringen (en de gevolgen daarvan) steeds sterker geconditioneerd. Ons brein werkt zo dat wanneer het nieuwe ervaringen opdoet de ervaring in het brein wordt weggezet als ‘bekend’ zodat er de volgende keer minder aandacht naar die desbetreffende ervaring hoeft te gaan. Je hebt geleerd wat het is of hoe het werkt. We doen vervolgens steeds meer activiteiten op de automatische piloot. We hebben bestaande kaders en patronen gecreëerd van waaruit we automatisch gaan handelen. Dit heeft overigens ook invloed op onze tijdbeleving: hoe ouder we worden, hoe sneller de tijd lijkt te gaan omdat we steeds meer automatisch doen.

Het aanleren van dit soort patronen heeft een praktisch nut. We hoeven immers niet elke keer dat we een taak uitvoeren helemaal opnieuw te onderzoeken hoe we het precies moeten doen. Stel je eens voor dat je elke keer dat je in de auto stapt opnieuw moet leren schakelen. Daarnaast is het één van de primaire doelstellingen van onze geest om onze overleving veilig te stellen. Wanneer een ervaring gelabeld is als ‘bekend’ dan is de kust veilig en is het aandachtsveld vrij om nieuwe ervaringen, die potentieel bedreigend zouden kunnen zijn, op te merken.

In de psychologie wordt in het kader van patronen ook wel gesproken over gestalts. De gestaltpsychologie, een school die in de jaren ’30 is ontstaan in Duitsland door werk van onder anderen Kurt Koffka (1935), gaat ervan uit dat wij als mensen de wereld waarnemen in gehelen en patronen.

Om dit gelijk tastbaar te maken: wat zie je in onderstaand plaatje?

Kanizsa-driehoek (1955)

 

Als het goed is zie je een witte driehoek in het midden. Die driehoek is er niet écht, maar je brein vult de lege velden in om er een geheel van te maken: een gestalt. Dit is een mooi voorbeeld van een optische illusie die ontstaat vanuit een aangeleerd patroon in je brein.

Hetzelfde mechanisme geldt voor je denkpatronen. Naarmate we in ons leven bepaalde denkpatronen herhaaldelijk volgen en daarin positief bekrachtigd worden (of ooit zijn) dan zullen deze denkpatronen in ons brein verstevigen. We leren op die manier steeds meer convergent te denken (Guilford, 1956).

 

Convergent vs. divergent denken

Psycholoog J.P. Guilford definieerde de termen convergent en divergent voor het eerst in 1956:

Convergent denken volgt een set aan logische stappen om tot een oplossing te komen. Divergent denken wordt gebruikt om nieuwe ideeën te genereren en gebeurt vaak spontaan, niet-lineair en free-flowing.

Bij divergent denken lijken er nieuwe ideeën te komen uit het onbewuste. Ze lijken niet voort te bouwen op eerder geleerde ideeën. Voor creativiteit is het dus nodig om divergent te leren denken.

De koppeling met gestalt is snel gemaakt: naarmate we als mensen rijpen worden er steeds meer patronen gevormd en wordt het steeds lastiger voor ons om divergent te denken. We denken binnen bestaande denkkaders en hebben vaak wat opschudding van buitenaf nodig om ons daaruit te ‘wekken’. We denken in termen van haalbaarheid binnen de huidige structuren en zijn niet zo goed in staat om dat te overstijgen en vrij te denken. Ik heb wel eens gehoord dat kinderen bij een probleemstelling met 100 oplossingen kwamen terwijl volwassenen er slechts 7 konden verzinnen…

 

Hoe kan mindfulness ons helpen om meer divergent te leren denken?

De beoefening van mindfulness draait in de kern om aanwezig zijn met onze ervaringen vanuit een milde en niet-reactieve houding. Dit houdt in dat we onze ervaringen (gedachten, gevoelens, emoties, fysieke sensaties en geluiden) voorbij zien komen vanuit een open, ontvankelijke houding en zonder dat we daar direct op reageren. Dit zorgt er na een tijdje oefenen (lengte waarin dit gebeurt verschilt) voor dat we automatische piloot, die opereert vanuit een doe-modus, steeds meer uitschakelen en we contact maken met een zogenoemde zijn-modus. In de zijn-modus gelden andere regels:


Brandsma (2012)

 

In de zijn-modus zijn onze gedachten minder persistent. Deelnemers van trainingen zeggen wel eens dat ze minder blijven plakken. We zijn meer aanwezig in het huidige moment en zijn minder gevangen door onze aangeleerde denkpatronen. Wanneer gedachten minder blijven plakken ontstaat er ruimte voor nieuwe invalshoeken. We stappen als het ware uit het bestaande patroon waardoor de gestalt minder rigide wordt en op termijn zelfs uiteen kan vallen.

Het afbreken van het oude, biedt ruimte voor het nieuwe. Niet vanuit iets dat vooropgezet is maar opkomend, in het Engels ook wel ‘emergent’ genoemd. Spontaan ontspringend uit een diepere bron. En zo kun je hogere orde gestalts gaan opbouwen. Want het mechanisme van patrooncreatie blijft uiteraard bestaan. Daar kunnen we als mens niet onderuit. We kunnen onszelf echter wel trainen om vaker uit de automatische piloot stappen, bestaande gestalts af te breken en van daaruit te ervaren welke nieuwe ideeën er onder de oppervlakte liggen. Telkens weer opnieuw door middel van mindfulness onze eigen patronen onder de loep nemen om telkens weer opnieuw het nieuwe te kunnen ervaren en bewust te kiezen.

En zo kan mindfulness diepgaand bijdragen aan je creatieve vermogens!


Bronnen:

Pavlov IP (1927). Translated by Anrep GV. “Conditioned Reflexes: An Investigation of the Physiological Activity of the Cerebral Cortex”. Nature. 121 (3052): 662–664

Ren, J., Huang, Z., Luo, J., Wei, G., Ying, X., Ding, Z., et al. (2011). Meditation promotes insightful problem-solving by keeping people in a mindful and alert conscious state. Sci. China Life Sci. 54, 961–965. doi: 10.1007/s11427-011-4233-3

Greenberg, J., Reiner, K., and Meiran, N. (2012). “Mind the trap”: mindfulness practice reduces cognitive rigidity. PLoS ONE 7:e36206. doi: 10.1371/ journal.pone.0036206

Ostafin, B. D., and Kassman, K. T. (2012). Stepping out of history: mindfulness improves insight problem solving. Conscious. Cogn. 21, 1031–1036. doi: 10.1016/j.concog.2012.02.014

Koffka, K. (1935). Principles of Gestalt Psychology

Kanizsa, G. (1955). “Margini quasi-percettivi in campi con stimolazione omogenea.” Rivista di Psicologia 49(1)7-30

Guilford, J. P. (1966). Intelligence: 1965 model. American Psychologist, 21(1), 20-26.

Brandsma, R. (2012). Mindfulness basisboek. Lanoo Campus

We leven in het tijdperk van mindfulness. Toen ik 16 jaar geleden op mijn kamertje begon met oefenen (en het niemand durfde ter vertellen omdat ik bang was dat mensen dachten dat ik gek was) had ik nooit durven denken dat mindfulness mainstream zou gaan. Toen op latere leeftijd het kwartje écht viel (mindfulness draait niet om ontspannen en je lekker voelen maar om op een milde manier te leren zijn met wat er is: prettig of onprettig) en de wetenschap steeds meer positieve resultaten vond besloot ik er mijn werk van te maken en bij te dragen aan het mainstream maken van deze 2000-jaar oude beoefening. Een blend tussen millenia-oude wijsheid uit het oosten en moderne wetenschappelijke inzichten uit het westen: mooier kon het niet worden voor mij. Inmiddels word je doodgegooid met trainingen en apps maar de burn-outs en depressies lijken toe te nemen. Helpt mindfulness nu wel of niet?

McMindfulness

Met groeiende populariteit en vraag komen groeiende commerciële kansen. Dat is in de mindfulnessindustrie niet anders. En zo zagen we de afgelopen jaren een explosieve groei in mindfulnessapps en aanbieders van mindfulnessworkshops en -trainingen. Je zou denken dat dit een positieve ontwikkeling is gezien het groeiende aantal mensen met mentale klachten. Daar ben ik het deels mee eens. Ja, het is mooi dat er steeds meer aandacht komt voor één van de grootste problemen van deze tijd en het is ook een goede ontwikkeling dat hier steeds meer aanbod voor komt. De vraag is echter of we bezig zijn met de juiste dingen en of we mindfulness inzetten op de juiste manier. Ik vind dit uitdagende vragen. Ik ben daarom als trainer constant bezig met óók mezelf kritisch onder de loep te nemen: pak ik met datgene wat ik doe de kern van het probleem aan of niet? Voegt het werk dat ik doe werkelijk waarde toe of draai ik mee in een systeem dat niet écht helpend is of zelfs averechts werkt? Vooral in de psychologie is het enorm lastig om causale verbanden te leggen.

Inmiddels heb ik, na lang denk- en leeswerk en het geven van veel trainingen, steeds meer helder welke gevaren er schuilen aan het mainstream worden van mindfulness, ook wel McMindfulness genoemd.

Mindfulness als een op jezelf gerichte quick fix

Mindfulness wordt door veel mensen ingezet als een op jezelf gerichte quick fix. Je ervaart wat onrust of stress, opent de app, doet even snel een oefening en weer door. Daarmee gaat het op 3 fronten mis:

1. Mindfulness is een doorlopende beoefening waarmee je steeds meer opmerkzaamheid ontwikkelt over je eigen patronen en een milde houding ontwikkelt richting je ervaringen. Zijn met wat er is en dus niet een oefening doen om gevoelens weg te krijgen. Op de lange termijn leidt de oefening tot meer interne harmonie maar hier streven we niet naar.

2. Mindfulness draait om vertragen en zo uit de automatische piloot stappen. Hierdoor maken we contact met de zijn-modus en kunnen we steeds verfijnder voelen wat we nodig hebben. Dit staat haaks op de snelle samenleving waarin we nu leven. Op een hele subtiele manier, zonder dat we het vaak doorhebben, kan mindfulness hier een verlengstuk van worden. Het paradoxale is dat het juist werkt omdat het indruist tegen de waarden van de huidige samenleving die gericht zijn op: efficiëntie, snelheid, prestatie, resultaatgerichtheid, oppervlakte (voor diepgang), kwantiteit boven kwaliteit, snel schakelen etc. Het interessante is dat juist wanneer je veel onrust of afkeer ervaart bij lang stilzitten en zalvende woorden je de automatische piloot aan het uitschakelen bent.

3. Door mindfulness als een op het individu gerichte oefening te zien vergeten we het grotere systeem, met de zojuist benoemde waarden, dat tegenwoordig zoveel stress veroorzaakt. Inmiddels is wel duidelijk dat stress geen individueel maar een collectief probleem is. We leven allemaal in meer of mindere mate in deze snelle, resultaatgerichte en oppervlakkige cultuur. Mindfulness kan helpen om bewustzijn te creëren over hoe het huidige systeem en onze (sociale en digitale) omgeving op ons inwerkt en daardoor zullen we beter in staat zijn om gerichte actie te ondernemen. Wees er scherp op dat mindfulness niet een constant vernieuwde pleister op een wond wordt die eigenlijk een externe oorzaak heeft. Die actie is dus belangrijk.

Waar is de actie eigenlijk?

Mindfulness kan dus, als je niet oplet, enkel een oefening worden die je inzet om je beter te doen voelen. Om te ontspannen en je lekkerder te voelen. Je eigen batterij weer op te laden. Afstand te nemen van de drukte. En misschien voel je je daarna ook wel lekkerder. En zo wordt het langzaam jouw fix. Jouw kalmeringstablet. Jouw manier om stress te verzachten. Zo sukkel je langzaam weer in slaap en heb je nog altijd niet duidelijk wát het is dat de stress in eerste instantie veroorzaakt. En zo weerhoudt het je van actie. Weerhoudt het je van het leren jezelf stevig te begrenzen in een samenleving die constant je aandacht kaapt. Weerhoudt het je van het leren assertiever te worden en de (soms harde) waarheid uit te spreken naar je collega’s of partner.

Kortom: het grootste gevaar van mainstream mindfulness is in mijn ogen dat het mensen verzwakt in hun vermogens om gerichte actie te ondernemen om zichzelf zo werkelijk krachtiger te maken.

Ook in professionele mindfulnesskringen wordt naar mijn mening te weinig aandacht geschonken aan de ‘harde kanten van mindfulness’. We verdrinken in woorden als compassie, mildheid, begrip en empathie en zonder de juiste contextuele uitleg ontbinden we hiermee langzaam de stevigheid van onze ruggengraat. Je groeit niet wanneer je je spanning telkens probeert weg te krijgen met oefeningen terwijl je eigenlijk iets anders te doen hebt. Punt.

Dus wil je mindfulness enkel en alleen inzetten om je beter te voelen en een lekker momentje voor jezelf te hebben dan kun je volgens mij beter een dagje naar de sauna gaan. Wil je werken aan meer bewustzijn over de wijze waarop je met jezelf, je ervaringen en je omgeving omgaat, welke niet-helpende overtuigingen je in de weg staan en hoe de keuzes die je maakt en het gedrag dat je vertoont ervoor zorgen dat je je eigen potentieel belemmert dan kan mindfulness iets voor je zijn. Maar het is een lange-termijn practice, een cultivatie van kwaliteiten. Als het onderhouden van een moestuin. Dagelijks water geven. Niet om er diezelfde dag nog een tomaat uit te trekken. Maar om geduldig te wachten tot de vruchten zich vanzelf aandienen terwijl je in de tussentijd de juiste acties uitzet.