‘Wat je nodig hebt kun je vinden waar je het minst wilt kijken’ – Carl Jung

 

We willen allemaal lekker in ons vel zitten en gelukkig zijn en gaan behoorlijk ver om dat te bereiken. Wie wil er nou slapeloze nachten, angst, stress, onzekerheid, verwardheid, hopeloosheid en uitzichtloosheid in z’n leven ervaren? Niemand. En dus lopen we ervoor weg. In het ongemak zit echter enorm veel groeipotentieel en door het ongemak uit de weg te gaan schieten we onszelf op de lange termijn in de voet. In dit blog wil ik uiteenzetten waarom het juist heel goed is dat we ons af en toe niet goed voelen.

 

Pijn leidt tot actie

Zeg nou zelf: wanneer kom je in beweging? Juist, wanneer je pijn ervaart. Ik gebruik pijn hier als containerbegrip voor alles wat valt onder fysiek of psychisch ongemak. Wanneer durfde je eindelijk die giftige relatie gedag te zeggen? Juist, na de zoveelste slaande ruzie. Wanneer kon je eindelijk al je moed verzamelen om tegen je baas te zeggen dat je ermee ging kappen? Juist, na die zoveelste misselijkheid op zondagavond.

We hebben pijn en ongemak nodig. Het wijst ons de weg richting dát wat we nog te doen hebben met onszelf om tot wasdom te komen. Een karakter te ontwikkelen. Een individu te worden.

 

Een overmatige nadruk op vriendelijkheid

Ik geloof dat we in onze samenleving te veel nadruk leggen op de meer zachte menselijke eigenschappen zoals vriendelijkheid, compassie en begrip. Open je instagrampagina en vriendelijkheidsquotes van Ghandi vliegen je om de oren. Begrijpelijk, want wanneer je naar het nieuws kijkt zie je met name de uitwassen van tegenhangers hiervan. Slecht nieuws is nieuwswaardig.

Je krijgt dan de indruk dat we als mensen helemaal van ’t padje zijn en meer van deze zachte waarden nodig hebben. Ik geloof dat dat deels waar is. Want kijk eens om je heen: wie is er nu écht een klootzak? Waarschijnlijk kun je die mensen hooguit op één hand tellen. En die mensen hebben, wanneer je interesse toont, vaak ook een persoonlijk verhaal voor hun minder leuke karaktertrekken.

Ik geloof dat we als samenleving juist snakken naar hardere menselijke eigenschappen zoals: kracht, begrenzing, stevigheid, durf en de ruggengraat om het ongemak aan te gaan.

De huidige samenleving maakt het nog lastiger om het ongemak aan te gaan omdat we nog nooit zoveel uitlaatkleppen hebben gehad om van het ongemak weg te lopen: Netflixseries, festivals, vakanties etc. etc.

Misschien heb jij wel helemaal geen yogales nodig om te ontspannen en zou je eigenlijk eens een keer een stevig gesprek met je partner moeten voeren. Misschien voel je je helemaal niet angstig en gestresst omdat je hooggevoelig bent, maar laat je mensen constant het kaas van je brood eten.

 

Jezelf kunnen zijn gaat gepaard met pijn

Wanneer je de keuze maakt om voor jezelf en je energie te gaan staan, dan zal dat geen makkelijk proces zijn. Het zal misschien betekenen dat je bepaalde relaties in heroverweging moet nemen. Dat je erachter komt dat je in je carrière een ladder beklom die tegen de verkeerde muur aanstond.

Mensen zullen zich verzetten tegen die ‘echte jij’. Die echte jij, die straalt en zorgt voor een heftige spiegel voor mensen die niet zichzelf durven te zijn. Dit zou, bij een groeimindset, voor iemand juist een trigger moeten zijn om bij zichzelf naar binnen te duiken maar meestal zien we de tegengestelde reactie: wijzen naar de persoon die durft. Wie denkt die persoon wel niet te zijn? En zo proberen we onszelf weer een goed gevoel te geven en gaan we het ongemak uit de weg.

Ik durf vrij hard te beweren dat vrijwel iedereen die ons stoort of irriteert of die gevoelens van jaloezie bij ons opwekt een onvervuld verlangen in onszelf raakt.

Kortom, kijk die pijn recht in de ogen en wees er dankbaar voor. Er staat weer een les op je te wachten. Wat probeert de pijn je te vertellen of te leren over jezelf? Wat heb jij te doen om dichter bij jezelf te komen?

 

‘what if life doesn’t happen to you, but for you?’ – Tony Robbins

 

Ps. Ghandi was overigens niet zo vredelievend omdat hij zich altijd maar gefocust heeft op zachte eigenschappen, maar omdat hij die harde eigenschappen juist zo goed beheerste en er zo ruimte ontstond voor de ander..